Autobiografisch verslag van tien jaar gevangenschap van de auteur ten tijde van het Habsburgse Rijk.
Titre
Mijn gevangenissen
Auteur
Silvio Pellico
Postface
Maarten Asscher
Traducteur
Yond Boeke Patty Krone
Langue
Néerlandais
Langue originale
Italien
Titre original
Le mie prigioni
Éditeur
Amsterdam: Uitgeverij Van Oorschot, 2017
239 p.
ISBN
9789028261853 (paperback)

Commentaires

Funester dan een verloren veldslag

Memoir. De Italiaanse vrijheidsstrijder Silvio Pellico zat tien jaar in de gevangenis. Zijn aantekeningen uit het ondergrondse zijn nog het lezen waard.

Op portretten staat Silvio Pellico (1789-1854) afgebeeld als een schriele brillenman met een ongezonde gelaatskleur. Niet meteen het prototype van de revolutionair, zou je denken, en toch is de schrijver uit Saluzzo een van de grote helden van de Italiaanse geschiedenis. Als lid van de Carbonari, een geheime organisatie die een onafhankelijk en eengemaakt Italië nastreefde, werd hij in 1820 opgepakt en voor tien jaar achter de tralies gezet. Zijn belevenissen stelde hij te boek in Mijn gevangenissen, waarmee hij in recordtijd de meest gelezen Italiaan van het negentiende-eeuwse Europa werd. Merkwaardig, want deze publicatie heeft niets revolutionairs. Het autobiografische relaas van een Carbonaro die zich in de nor bekeert tot het katholieke geloof staat bol van de kwezelarijen. De katholieken twijfelden destijds aan zijn oprechtheid en voor de patriotten was hij een verrader, maar de combinatie van vaderlandsliefde en vroomheid sprak…Lire la suite

Italiaanse bestseller uit 1832 eindelijk vertaald

Van alle ontberingen die Silvio Pellico tijdens zijn 10-jarige gevangenschap moest doorstaan - honger, ziekte, isolement, geestelijke en lichamelijke kwelling - was de eenzaamheid waarschijnlijk de ergste. Jarenlang bracht hij in onderaardse cellen door waar hij nauwelijks iemand zag, waardoor hij soms 'met de onrust van een minnaar' uitzag naar een glimp van een bewaker.

Silvio Pellico (1789-1854) was journalist, dichter en toneelschrijver. In 1820, tijdens de Oostenrijkse overheersing van Noord-Italië, werd hij gearresteerd op verdenking lid te zijn van een geheim genootschap dat de eenwording van Italiaanse gebieden voorstond. Hij kreeg de doodstraf, later omgezet in 15 jaar cel. Na 10 jaar verleende de keizer hem gratie. Het grootste deel van die tijd bracht hij door in Spielberg, 'de strengste gevangenis van de Oostenrijkse monarchie'.

In deze hel op aarde wist Pellico mede te overleven door zich te bekeren tot het katholieke geloof. 'Ach!', roept hij ergens uit, 'vriendschap en godsdienst zijn een bezit van onschatbare waarde!' Waarschijnlijk om problemen met de censuur te vermijden, maakte hij van zijn gevangenismemoires een lofzang op de religie, geen aanklacht tegen de overheerser. Eén sneer veroorlooft hij zich wel. Als Pellico met twee lotgenoten terug naar huis wordt geëscorteerd, voe…Lire la suite

In dit autobiografische geschrift doet de auteur (1789-1854) verslag van de periode van tien jaar (1820-1830) die hij doorbracht in gevangenissen in Milaan, Venetië en Brno nadat hij was opgepakt op de beschuldiging lid te zijn van de 'Carbonari', een beweging die ernaar streefde Italië los te maken van het Habsburgse Rijk in de negentiende eeuw. De schrijver geeft een gedetailleerd beeld van het leven in de gevangenis in deze periode: hij krijgt weinig te eten, is regelmatig ziek, raakt zwaar gedeprimeerd, maar vindt troost in het katholieke geloof; gelukkig mag hij wel boeken lezen. Hij put veel hoop uit contacten met bewakers en medegevangenen en weet zich daardoor overeind te houden, fysiek en moreel. Uiteindelijk is het een wonder dat hij dit alles overleeft. De auteur werd na publicatie martelaar en held van verschillende bevrijdingsbewegingen overal in Europa, hetgeen het succes van het boek direct na verschijnen verklaart. Nog steeds een Italiaanse klassieker.

À propos de Silvio Pellico

Silvio Pellico (Saluces, 24 juin 1789 - Turin, 31 janvier 1854) est un écrivain et poète italien.

Biographie

Silvio Pellico naquit à Saluces (Italie) de Onorato et Marguerite Tournier, dans une famille piémontaise de moyenne bourgeoisie Le poète eut une enfance maladive. Il sortait d’une grave maladie pour tomber dans une plus grave encore. Sa mère est d’origine savoisienne: sa famille, en fait, propriétaire d'une manufacture textile, est de plusieurs siècles résident à Chambéry , l’aimait beaucoup et prit soin de lui. Plus tard, du fond de sa prison, il se rappela celle qui passa tant de temps à son chevet et le souvenir de sa mère lui fut d’un grand secours.

Malgré sa maladie, il développa une intelligence très précoce et il n’avait pas plus d…En lire plus sur Wikipedia