Book
Dutch
Verzamelde poe͏̈zie van de Vlaamse dichter (1944-1997).
Contents
Dl. 1 : Gebundelde en nagelaten gedichten
Dl. 2 : Verspreide gedichten en vertalingen
Title
De gedichten / Herman De Coninck ; samengest. en verantwoord door Hugo Brems
Author
Herman De Coninck
Compiler
Hugo Brems
Language
Dutch
Publisher
Amsterdam: De Arbeiderspers, 1998 | Other editions
2 dl.
ISBN
90-295-0908-2

Reviews

De emo-poëzie voorbij

Wie was Herman de Coninck? Literaire kongsiebaas? Ideale doodsprentjestekstenleverancier? Geweten der Vlaamse letteren? De vleesgeworden poëzie überhaupt? Wat hij in ieder geval wel was, was een heel wat veelzijdiger dichter dan gemeenlijk werd en wordt aangenomen. Nooit eerder is dat zo duidelijk te zien geweest als in de tweedelige, definitieve verzamelbundel De gedichten. Daarmee heeft tekstbezorger Hugo Brems niet alleen voorbeeldig editiewerk afgeleverd, maar ook het lezerspubliek een prachtuitgave aangereikt om die andere De Coninck te ontdekken: de dichter die het niet om ontboezemingen ging, maar om woorden. De gedichten is het ultieme eerbetoon, effectiever dan alle in memoriams bij elkaar.

Herman de Coninck is een dichter die steevast verkeerd is gelezen. Zijn literaire kwaliteiten werden overschaduwd door zijn publieke optreden, door het beeld dat na zijn debuut De lenige liefde (1969) van hem ontstond, door de 'macht' die hij in de Vlaamse literatuur belichaamde. Voor sommigen was hij in zijn eentje de incarnatie van 'de' poëzie. Poëzie die al te vaak gezien werd als boodschappenmandje voor diepste zieleroerselen waarin nogal wat lezers zichzelf of anderen meenden te herkennen. Poëzie met een hoge aaibaarheidsfactor.

Althans, dat beweerde de Leuvense hoogleraar en poëziecriticus Hugo Brems vorig jaar in zijn opmerkelijk in memoriam voor Herman de Coninck, waarin hij peilde naar de dichter achter "de merknaam De Coninck". Tien jaar eerder had Brems er al voor gepleit "om zijn (De Conincks) gedichten opnieuw, met aandacht en los van al die voorgevormde meningen en verwachtingen, te gaan lezen. Om zo de echte, de ongrijpbare De Coninck te doen bestaan."

Da…Read more

Een bescheiden voorstel om te wachten met de heiligverklaring

Gerrit Komrij is, onder de levenden, de beroemdste poëzie-bloemlezer uit de Lage Landen. We kwamen dan ook bij hem terecht met een eenvoudig verzoek: vindt hij in de verschijning van Herman de Conincks verzamelde gedichten een aanleiding om nog één gedicht toe te voegen aan de acht De Coninck-gedichten die hij opnam in De Nederlandse poëzie uit de 19de en 20ste eeuw ?

Herman de Coninck was aan het begin al helemaal de voltooide Herman de Coninck. Van zijn eerste dichtbundel De lenige liefde uit 1969 tot zijn nu verschenen volledig dichtwerk - De gedichten , twee delen in cassette - blijft de grondtoon dezelfde. Die grondtoon is: het streven naar precisie, de twijfel of zo'n ideaal wel haalbaar is en het verlangen daarover te schrijven. De Coninck koestert een eerbied voor de realiteit die je alleen aantreft bij mensen die slecht met de realiteit overweg kunnen. Altijd probeert hij iets vast te pinnen door er een treffende vergelijking voor te vinden. Er is geen woord dat bij Herman de Coninck zoveel voorkomt als het woordje als , je wordt er soms draaierig van -

Adem marsjeert als veel volk

door mijn luchtpijp naar mijn hart

de zon

staat te blozen als een franciskaan

Het landschap komt als een kelner op ons toe

Water. Soms loopt het rechtdoor

als een ideologie

- en dan hebben we pas 't eerste h…Read more


Een goed jaar na het overlijden van Herman de Coninck (1944-1997) zijn zijn verzamelde gedichten in twee fraai ingebonden boekdelen uitgegeven. Die snelle en royale uitgave wijst op twee zaken. Allereerst weerspiegelt ze de kritische waardering voor dit oeuvre, dat algemeen beschouwd wordt als het werk van een hoogst verdienstelijk en invloedrijk dichter. Aan de andere kant toont de publicatie evenzeer aan hoe populair de gedichten van Herman de Coninck blijven. Als geen ander dichter is hij erin geslaagd om een groot lezerspubliek te boeien met aansprekende gedichten, die handelen over herkenbare personages, gebeurtenissen en emoties, zonder daarbij nochtans afbreuk te doen aan elke complexiteit en een ingenieuze stijl. Die eigenschappen verklaren meteen waarom de gedichten van De Coninck bij herlezing overeind blijven en vaak zelfs nog aan kracht winnen.

Op het eerste gezicht laat De gedichten inderdaad zien hoe De Coninck start als een typische, speelse nieuwreali…Read more
De poëzie van Herman de Coninck (1944-1997) is in Vlaanderen wat de poëzie van Rutger Kopland in Nederland is: immens populair, goed voor een flink aantal herdrukken. Een poëzie waarin veel mensen zich kunnen (of menen te) herkennen. De tekstbezorger van 'De gedichten' (met De Conincks verzamelde poëzie), Hugo Brems, zoekt de redenen voor deze grote waardering in de virtuositeit, de gevoeligheid, de weemoed en de humor van deze gedichten: 'Ze lijken zo gemakkelijk en vanzelfsprekend, maar de kern ervan is het besef dat wij alleen staan in een zwijgende wereld, tussen 'bergen van onverschilligheid''. De beide delen van de gebonden eerste editie zijn in deze paperbackeditie samengevoegd. In het eerste deel zijn de gebundelde en een keuze uit de nagelaten gedichten opgenomen. Het tweede deel is gestapeld en bevat zo'n honderdveertig bladzijden verspreid gepubliceerde gedichten en idem vertalingen. De uitgave is vakkundig verantwoord, van een bibliografie en van de nodige aantekeningen bi…Read more

About Herman De Coninck

Herman de Coninck (21 February 1944 – 22 May 1997) was a Belgian poet, essayist, journalist and publisher.

Life

Herman de Coninck was born in Mechelen, Belgium, where his parents ran a Catholic bookshop. He attended the Sint-Rombouts College in Mechelen where he contributed to the school newspaper. Determined to become a writer, he studied Germanic philology at the Katholieke Universiteit Leuven. While in Leuven he wrote for the University paper Universitas. Graduating in 1966, he took up teaching in Berchem while he lived in Heverlee, near Leuven. In 1967 he fulfilled his compulsory civilian duty in the Belgian army.

In 1970 he left teaching to become an editor of the weekly magazine HUMO, a post he held until 1983. During this period he regularly delivered interviews together with Piet Piryns. These interviews were collected and published as Woe is Woe in de Nedderlens in 1972.

Tired of interviews…Read more on Wikipedia