Boek
Nederlands

Rood

Doelgroep:
Vanaf 12-14 jaar
Het leven van de 14-jarige Toine wordt grondig overhoop gegooid als de Franse Revolutie uitbreekt. Hij weet niet of hij de juiste keuzes maakt en wie hij kan vertrouwen. Vanaf ca. 13 jaar.
Onderwerp
Franse Revolutie
Titel
Rood
Auteur
Vera Van Renterghem
Taal
Nederlands
Editie
1
Uitgever
Antwerpen: Manteau, 2010
231 p.
ISBN
9789022325285 (paperback)

Besprekingen

Toine (14) is leerling-schilder bij zijn vader en wil kunstschilder worden. Wanneer de Franse Revolutie uitbreekt, wordt zijn wereld overhoop gehaald. Alle zekerheden verdwijnen en onder het mom van idealen worden de ergste gruweldaden gepleegd. Door een schilderij dat hij in bewaring kreeg van een edelman, raakt ook Toine bij de revolutie betrokken. Wanneer zijn vader bovendien door de nationale garde opgepakt wordt, staat de jongeman er alleen voor. Met de hulp van zijn vrienden start hij een moeilijke zoektocht. Maar wie kan hij nog vertrouwen in deze onzekere tijden? Geschiedenis en fictie zijn in dit verhaal vlot met elkaar verweven. Levensechte beschrijvingen van het leven onder de terreur en snelle opeenvolging van gebeurtenissen geven het boek vaart. De complexe geschiedenis van de Franse Revolutie wordt voelbaar én begrijpelijk aan de hand van kleinere verhalen. Door de overvloed aan plots worden sommige zaken echter te snel afgehandeld. Een interessant historisch verhaal, da…Lees verder

Rood

Parijs, 1789. Toine Clervaux, leerling-schilder, helpt zijn vader bij het decoreren van Parijse herenwoningen. Ze voeren ook herstellingen uit aan het hof van Versailles. Wanneer de revolutie losbarst, breken er moeilijke tijden aan voor Toine en zijn familie. Graaf Delacroix vertrouwt de jongen een schilderij toe om bij zich thuis te verbergen. Welke rol speelt Père Hubert, een priester die inwoont bij de familie? Na de arrestatie van zijn vader raadpleegt Toine een waarzegster. Met zijn vrienden, die de revolutie genegen zijn, bevrijdt hij zijn vader.
Een jeugdboek vol gruwel over de terreur in Parijs tijdens de beginjaren van de Franse Revolutie. Bekende tijdgenoten zoals de schilder David worden opgevoerd. Helaas is de stijl van de schrijfster doorlopend onbeholpen. ‘Het café gonsde van magere mensen’ (p. 98). ‘Mijn hoofd liep leeg en mijn onderbuik vol’ (p. 142). ‘Ik  vulde voor het eerst het druipende, lege kleed dat ik was geworden’ (p. 218). ‘Ik wilde mijn benen aan flar…Lees verder