Boek
Nederlands

Er woont een konijn in mijn kop

Marc De Bel (auteur), Bianca Hugens (illustrator)
Doelgroep:
Vanaf 6-8 jaar
Een jongetje voelt zich na het vertrek van zijn vader zo alleen dat hij blij is dat er een konijn in zijn hoofd zit waarmee hij kan praten. Prentvertelling met kleurige tekeningen. Vanaf ca. 6 jaar.
Onderwerp
Fantasievriendjes
Titel
Er woont een konijn in mijn kop / tekst Marc de Bel ; ill. Bianca Hugens
Auteur
Marc De Bel
Illustrator
Bianca Hugens
Taal
Nederlands
Uitgever
Leuven: Davidsfonds, 2001
28 p. : ill.
ISBN
9789065659767 (hardback)

Besprekingen

Dit boek van Marc de Bel doet denken aan Malus, bij wie er een appelboom uit het hoofd groeide. Er woont een konijn in het hoofd van de hoofdfiguur. Mama vindt het onzin, net als dokter Stok en grote zus. De jongen praat met zijn konijn Flebbel en eet alleen worteltjes. Dokter Zipiater geeft hem pilletjes. Maar daardoor komt zijn hoofd vol mist en verdwijnt Flebbel. Tenslotte bindt mama in.

Zoals steeds is Marc de Bel resoluut solidair met het kind. Niemand mag zijn fantasie wegnemen. In dit boek heeft die fantasie een duidelijke functie voor het kind. Flebbel is in zijn hoofd komen wonen toen zijn vader uit zijn leven verdween. Ook pap hield van worteltjes en was sterk en slim als Flebbel. Van pap is de wijsheid dat "niets blijft zoals het is. Dat alles altijd verandert". Als Flebbel terug in zijn hoofd woont, fluistert hij die gedachte in het oor van de jongen, die ze aan zijn moeder doorgeeft. Intussen wipt Flabbel op het kussen van papa. Een duidelijker plaatsvervanger kan…Lees verder
In het hoofd van een kleine jongen woont Flebbel, een blauw konijn met rode stippen. Omdat niemand het konijn ziet, denkt iedereen dat er iets is met de jongen. Hij deelt alle geheimen met zijn konijn, praat met hem en is hele dikke vrienden. Van dokter Zipiater (psychiater) moet hij andere dingen eten dan alleen worteltjes en paarse pillen slikken: Flebbel verdwijnt daardoor en er komt mist in zijn hoofd. Als hij de pillen weggooit, komt Flebbel terug en zegt hem "dat alles altijd verandert"; iets wat zijn vader ook altijd zei. Volwassenen kunnen uit deze gegevens, die vaak slechts worden aangestipt (zoals de nu afwezige vader), diverse interpretaties destilleren. De doelgroep zal waarschijnlijk blijven steken op het niveau van een jongetje met een fantasievriendje zonder diepere betekenis. Ook de flaptekst biedt hier geen houvast. Regelmatig zijn woorden die om accent vragen groot of soms heel groot of juist klein afgedrukt. De tekeningen zijn kleurig maar komen wat chaotisch over, …Lees verder

Over Marc De Bel

Marc de Bel (Kruishoutem, 7 mei 1954) is een Vlaams jeugdauteur. Voordat hij met zijn schrijverscarrière begon was hij (van 1974 tot 1983) onderwijzer.

Bibliografie

Hieronder volgt een lijst van zijn boeken.

  • 1987 - Het ei van oom Trotter (Van Halewyck, 17e druk 2017)
  • 1988 - Meester Pluim en het praatpoeder (Infodok, 5e druk 1998)
  • 1988 - Wimpie en de wensautomaat (Infodok)
  • 1989 - Blinker en de bakfietsbioscoop (Infodok, 6e druk 1997)
  • 1989 - Het dagboek van Zwarte Piet (Infodok, 2e druk 1998)
  • 1989 - De kracht van Ajajatsoe (Infodok, 5e druk 1997)
  • 1990 - De knetterkwabmachine (Infodok, 4e druk 1998)
  • 1990 - Blauwe snoepjes (Infodok, 5e druk 1997)
  • 1990 - Stuffie en het geheim van de Kankan-Goeroe (Infodok, 4e druk 1997)
  • 1991 - Nikki Nikkel (Infodok, 5e druk 1999)
  • Lees verder op Wikipedia